Fondsprijzen

De Fondsprijzen zijn prijzen die voortkomen uit de legaten die aan de Academie werden toevertrouwd.

 

Prijs voor een oorspronkelijk wetenschappelijk werk op het gebied van de musicologie in de breedste zin van het woord.
Bedrag voor deze prijs: 750
Deze prijs wordt vierjaarlijks uitgereikt.

Oproep jaargang 2020: aanvragen zijn nog mogelijk en moeten ons bereiken voor 30-04-2020

Prijs voor een oorspronkelijk wetenschappelijk werk op het gebied van de musicologie in de breedste zin van het woord.

Tim Duerinck
Piepschuim: de volgende stap voor muziekinstrumenten?

Tim Duerinck (°1991) behaalde een master Instrumentenbouw (2015) aan de School of Arts te Gent met een scriptie handelend over ‘Piepschuim: de volgende stap voor muziekinstrumenten?’. Sinds 2015 is hij zelfstandig instrumentenbouwer en vanaf oktober 2016 is hij werkzaam als PhD aspirant onderzoeker rond ‘Music instruments from new materials’.

Je moet geen genie zijn om de akoestische mogelijkheden van piepschuim te ontdekken: de naam is een weggever. Toch is er tot voor deze scriptie nog nooit onderzoek gevoerd naar de mogelijkheden van dit materiaal voor muziekinstrumenten. De scriptie van Tim Duerinck zet deze fout recht, en met verbluffende conclusies.

De scriptie beschrijft een onderzoek naar een mogelijke volgende stap in de historische evolutie van strijkinstrumenten. In het eerste hoofdstuk wordt een kort overzicht geschetst van het bestaande onderzoek en de belangrijkste experimentele instrumenten. In het tweede hoofdstuk wordt onderzocht welke de mogelijkheden zijn van piepschuim als klankversterker in functie van akoestische strijkinstrumenten. Er wordt berekend hoe goed piepschuim klank kan versterken en het blijkt hierin veel beter dan klankhout van nieuwe en oude violen. In het
derde en laatste hoofdstuk van deze scriptie wordt beschreven hoe een experimentele cello met piepschuim gemaakt wordt, en de prototypes die eraan voorafgingen worden beschreven.

De resultaten in deze paper tonen aan dat piepschuim kan dienen als alternatief voor klankhout, en doet vermoeden dat instrumenten die uit dit materiaal gemaakt worden mogelijks beter zullen klinken dan hun houten voorgangers, inclusief de violen van Stradivarius.

Tim Duerinck is Laureaat van de Urban Crafts 2012, de Scriptieprijs 2015 en de
Emile Zola-prijs 2016.

Jelle Dierickx

Het hoofd van Orpheus in de spiegel. Een onderzoek omtrent de convergentiepunten tussen muziek en poëzie na 1945.

De Floris Van der Muerenprijs 2008 wordt toegekend aan de heer Jelle Dierickx voor zijn werk Het hoofd van Orpheus in de spiegel. Een onderzoek omtrent de convergentiepunten tussen muziek en poëzie na 1945.

Jelle Dierickx (°1977) is doctor in de musicologie. Van 2000 tot 2006 was hij werkzaam als wetenschappelijk medewerker aan het Instituut voor Psychoacustica en Elektronische Muziek, departement Musicologie van de Gentse Universiteit. Sinds 2006 is hij artistiek coördinator bij het Festival van Vlaanderen Gent.
Daarnaast is hij de bezieler achter het jaarlijks internationaal Krikri Festival omtrent polypoëzie en nieuwe muziek te Gent (2002-2008, 6 edities op diverse locaties). Naast dit alles is hij betrokken bij de organisatie van diverse artistieke manifestaties, colloquia, concerten en workshops waaronder Vienna Connection en de multimediale dansvoorstelling Tsutsu Izutsu.
Hij publiceerde meer dan vijftig teksten omtrent muziek, poëzie en multimedia, dit in zowel boeken, tijdschriften als programmaboeken voor onder meer deSingel, het Festival van Vlaanderen en het VRO-VRK. Omtrent dezelfde onderwerpen gaf hij diverse lezingen in Europa en Noord-Amerika, dit in zowel academische als niet-academische context.


Pieter Bergé

Traditie, mode en moderniteit – De operahistorische en esthetische betekenis van de Zeitoper en van Arnold Schönbergs eenakter Von Heute auf Morgen (1930)

Pieter Bergé (°1967) is Doctor in de Musicologie en Licentiaat in de Wijsbegeerte. Sedert 2004 is hij docent aan de afdeling Musicologie van de KULeuven, waar hij muziekgeschiedenis, -analyse en theorie van de muziek van ca. 1750 tot ca. 1900 doceert. Zijn belangrijkste onderzoeksdomeinen zijn de vormanalyse van klassieke en vroegromantische instrumentale muziek en de Duitse operacultuur tussen de twee wereldoorlogen. Hij schreef o.m. een monografie over Arnold Schönbergs opera Moses und Aron: De Eenheid in het Dualisme. Idee en Representatie in Schönbergs opera Moses und Aron, en een inleidend werkje over Carl Philipp Emanuel Bach. Daarnaast publiceerde hij talrijke artikels in nationale en internationale tijdschriften over muziekanalyse, muziekesthetica, muziektheorie en opera.


J. Eeckeloo

Pieter Hubertus anneessens, 1810-1888, Belgische orgelbouwer


Francis Maes

Het koorwerk van Zoltán Kodály


M. Lemmens

De familie Graindorge. Een studie over een eeuw Luikse orgelbouw (ca. 1771-1865).


M. Th. Buyssens

Bijdrage tot de receptie van de opera van Jan Blockx, herbergprinses


M. Reybrouck

De Vlaamse opera. Het aandeel van de K.V.O. te Antwerpen in de Vlaams-nationale school (1907-1914).


Herman Sabbe

Bijdrage tot de studie van het serialisme als techniek en denkmethode