Taalbeleid - Language Matters

Standpunt | Jaargang 2022
Language Matters
Taalgebruik en taalbeleid aan de Vlaamse universiteiten
Klasse Menswetenschappen

Het gebruik van Engels in onderzoek en onderwijs is geen of/of-, maar wel een en/en-verhaal.

Door de explosieve toename van de internationalisering van onderzoek en onderwijs heeft het Engels in de afgelopen decennia geleidelijk een plaats veroverd aan de Vlaamse universiteiten. Deze ontwikkeling zien we ook in de ons omringende landen. Door sommigen wordt gevreesd dat de opmars van het Engels een bedreiging vormt voor het Nederlands. Ze waarschuwen voor de 'verengelsing' van onze universiteiten. Anderen dringen juist aan op versoepelingen van de taalregelgeving en zijn van mening dat het verwerven van meertalige competenties verrijkend is voor de studenten en hen betere kansen biedt op de arbeidsmarkt.

In dit Standpunt nemen de auteurs afstand van deze polariserende stellingnamen. Het gaat niet over een of/of-, maar wel over een en/en-verhaal. Dat blijkt al uit de wat uitdagende en ambigue Engelse titel Language Matters.

Wat het onderzoek betreft is de positie van het Engels onbetwistbaar, niet alleen vanwege de steeds versnellende communicatie binnen de wereldwijde wetenschappelijke gemeenschap, maar ook vanwege de druk van internationale rankings. Tegelijkertijd is het belangrijk dat de maatschappij in de eigen taal geïnformeerd wordt over de resultaten van wetenschappelijk onderzoek in allerlei domeinen.

Wat het onderwijs betreft blijkt uit de cijfers dat de Vlaamse universiteiten zorgzaam omspringen met het Engelstalig onderwijsaanbod en dat er geen sprake is van een doorgedreven verengelsing. De huidige taalregelgeving stuit echter op weerstand vanwege haar strikt kwantitatieve en bureaucratische karakter. Ze vormt ook vaak een belemmering voor het rekruteren van buitenlands toptalent en zet een rem op het aantrekken van  uitwisselingsstudenten. Dit Standpunt bepleit dan ook een grotere autonomie voor de universiteiten om Engelstalige opleidingen en opleidingsonderdelen in te richten en daarbij meer te kunnen differentiëren naargelang van opleidingstype en vakgebied. Op deze wijze kan Vlaanderen zich beter profileren in zijn academisch internationaliseringsbeleid.

Om kwaliteitsverlies in de kennisoverdracht te vermijden moet het Engelstalig onderwijs aan hoge eisen voldoen. Evenzeer moet erover gewaakt worden dat de uitbreiding van het Engelstalig aanbod niet drempelverhogend werkt en leidt tot een democratisch deficit.

Centraal in dit Standpunt staat de noodzaak van een doordacht en expliciet taalbeleid op het niveau van de universiteiten, en zo mogelijk op het niveau van de VLIR, waarbij de zorg voor het behoud en de verdere uitbouw van het Nederlands als academische taal gecombineerd wordt met de ambitie om via het Engels een krachtige stem te hebben in de internationale academische context.

Documenten bij dit project