In memoriam Herman Van der Haegen

In memoriam Herman Van der Haegen

Klasse Menswetenschappen

Erelid van de Klasse van de Menswetenschappen

Geboren op 12 april 1929 in Ukkel, overleden op 5 april 2026 in Den Haag

Zijn wetenschappelijke loopbaan begon aan de Universiteit Gent waar hij in 1952 licentiaat in de aardrijkskunde werd, nadien assistent en werkleider bij prof. Dumon en professor Desmet en waar hij in 1966 met grootste onderscheiding het doctoraat in de aardrijkskunde behaalde. Gent kon geograaf Herman Van der Haegen echter niet aan zich binden. De driehoek Leuven, Mechelen, Brussel wordt het centrum van zijn activiteiten en een belangrijk aanknopingspunt voor zijn wetenschappelijk werk. In 1968 volgt hij te Leuven prof. Polspoel op. Tot in 1994, wanneer hij emeritus wordt, doceert hij er de algemene sociale geografie, de stads- en de plattelandsgeografie, de historische geografie en de cartografie.

Zijn aanzienlijke leeropdracht belet hem niet ook bestuursfuncties waar te nemen en gedurende 7 jaar voorzitter te zijn van het departement geografie en geologie. Hij is lid van de wetenschappelijke commissie aardrijkskunde en delfstofkunde van het FWO, stichtend lid en voorzitter van de Vlaamse vereniging voor demografie, lid en voorzitter van het bureau van de Hoge Raad voor Statistiek en van het Nationaal Instituut voor de Statistiek en van het Nationaal Comité voor Geografie.

De moderne stad in haar relaties met haar omgeving en met haar inwendige complexiteit is het centrale thema in zijn onderzoek. Hij was de eerste die het begrip stadsgewest, als functioneel gebied, los van administratieve afbakening, in België introduceerde en operationaliseerde voor het geografisch, planologisch en sociologisch onderzoek. Vandaag is dat begrip een verworvenheid. Hij slaagde erin door zijn onderzoek een brug te slaan tussen geografie en overheid. Ook de ruimtelijke differentiatie in de stad van sociale verschillen tussen rijk en arm, migrant en autochtoon, werkende en werkloze, alleenstaande en gezin, is een steeds terugkerend thema. Sociale geografie moest voor Van der Haegen maatschappelijk relevant zijn.

Bijzonder is dat hij van in de jaren ‘70 al, lang voor er sprake was van Europese projecten en subsidies, bij zijn onderzoek samenwerkte met partners uit verschillende Europese landen. Samen met de Universidad de Navarra Pamplona, de Sorbonne, de Ruhr-Universität Bochum en de Rijksuniversiteit Utrecht organiseerde hij het project European Settlements dat tot doel had de stedelijke en landelijke nederzettingen in de verschillende landen op een vergelijkbare manier te analyseren. Het boek European Settlement Systems dat het resultaat was van dit project, is nog altijd een basiswerk voor de beschrijving van nederzettingsstructuren. Hij werkte lang en frequent samen met Duitse collega’s onder andere bij studies over de verdwijnende Duitse plattelands nederzettingen in Transsylvanië in Roemenië, waar hij bijzonder goede contacten had. Herman Van der Haegen genoot snel internationale erkenning. Hij werd onder andere corresponderend lid van de Academie fur Raumforschung und Landesplanung, lid van de Association of American Geographers, Belgisch lid van de Steering Group voor de studie Regional Policy and Urban Decline van de Europese Gemeenschap. Hij onderhield ook nauwe contacten met Nederland.

Hij was ook, als Nederlandstalige Brusselaar, flamingant. Hij manifesteerde voor Leuven, Brussel en Vlaams-Brabant. Hij was bovenal Leuvenaar. Vanaf de jaren 70 toen Louis Tobback schepen van ruimtelijke ordening werkt, werkte hij met deze laatste samen en werd hij lid van de Leuvense werkgroep voor ruimtelijke ordening. Rond 1975 verscheen ook de baanbrekende studie Leuven 2000, kernstad en stadsgewest, die een visie ontwikkelde over hoe Leuven er in het jaar 2000 moest uitzien.